Begeleiding tijdens de zwangerschap

  • Bewust naar de verloskundige

    Een kleine vrouw vertelt:

    “Ik ben begonnen bij de verloskundige in de wijk. Via de huisarts werd ik daarnaartoe verwezen. Want ik wilde niet meteen naar het ziekenhuis. Omdat ik eigenlijk gewoon wil zijn. Dat is heel erg dat ik dat heb. Ik wil niet apart zijn, ik wil niet zielig zijn, ik wil gewoon alles normaal hebben. Dat is mijn streven. En als het nodig is dan gaan we wel over. En zo is het proces ook gegaan. De verloskundige praktijk vond het heel leuk om het met mij samen uit te zoeken, want ze hadden er geen ervaring mee. Dat hebben ze ook zo gezegd, maar je bent wel welkom. Het was zo klein en huiselijk en je ziet al die toekomstige moeders binnen lopen en dat gevoel van, daar hoor ik straks ook bij. Ik zit gewoon in hetzelfde schuitje, ik zie er anders uit, maar ik ben ook gewoon iemand die moeder gaat worden. Uiteindelijk moest ik met 24 weken wel over naar het ziekenhuis. Vanwege de extra onderzoeken en de bevalling.”

  • Van streekziekenhuis naar academisch ziekenhuis

    Een kleine vrouw vertelt:

    “Ik had eerst een super fijne en positieve gynaecoloog. Maar toen ben ik met 32 weken naar het academisch ziekenhuis doorverwezen. Omdat ze toen wilden dat ik ook zou spreken met anesthesie over een eventuele ruggenprik of narcose, wat de beste optie zou zijn. Daar zouden ze meer over weten dan in ons streekziekenhuis om het zo maar even te zeggen. Dat vond ik ook wel een beetje stom, want eigenlijk had ik ook van tevoren willen weten van, oké, ik word uiteindelijk doorverwezen naar het academisch ziekenhuis, dus ik kan beter gewoon meteen daar naar toe gaan. Want nu kon mijn fijne gynaecoloog ook niet de bevalling doen. Als ik nog een kind zou krijgen ooit, dan zou ik ook gewoon gelijk naar het academische ziekenhuis gaan. Ook al wil ik het eigenlijk niet. Het liefst blijf ik gewoon in een streekziekenhuis in de buurt zeg maar. Het is ook vervelend dat je best ver moet reizen."

  • Zoek de expertise op

    Een kleine man vertelt:

    “Op basis van mijn ervaring zou ik zeggen, ga altijd naar die artsen toe, die de expertise hebben en dat is niet de arts in het streekziekenhuis. En dat is ook niet de arts in het academisch ziekenhuis in Amsterdam, want die zien die kinderen niet. Dus we hebben twee academische ziekenhuizen in Leiden en Utrecht waar veel mensen met achondroplasie komen. Start daar en zij hebben dan wel de connecties en kunnen zij jou weer verder helpen.”

  • Vlokkentest

    Een kleine vrouw vertelt:

    “De eerste 15 weken van mijn zwangerschap, heb ik er niet echt van genoten. Omdat ik nog geen enkele zekerheid had van welke kant het op zou gaan met de vlokkentest. En daar was ik me bij mijn tweede kind veel bewuster van dat ik dat allemaal weer opnieuw zou moeten doormaken. En de eerste keer ben ik daar toch vrij onbevangen ingestapt. Omdat ik ook eigenlijk niet zo goed wist wat een zwangerschap allemaal inhoudt.”

  • Geen vlokkentest willen

    Een kleine vrouw vertelt:

    “Mijn partner is lang, dus ik had alleen 50/50 kans. Ik heb bewust niet voor een vruchtwaterpunctie of vlokkentest gekozen. Omdat de kans om weer zwanger te worden klein was, door het medische verleden van mijn man. Dus we hadden zoiets van we gaan er gewoon voor. Wat voor kindje het ook wordt. En we hebben een screenecho gemaakt, zoals dat heet, toen ik 30 weken was. Aan de hand van botmetingen kunnen ze dan zien of het kindje achondroplasie heeft of niet.”